Kinderjaren, Oberski, Jona
Een Joodse kleuter en een moeder zitten in een kamp in Westerbork. Het is een vergissing dat ze daar zitten en ze mogen naar een week weer naar huis. Als ze thuis zijn zijn ze allemaal erg blij en vrolijk en begint het gewone leven weer. Ondertussen gaat het onder de Joden erg moeilijk.Na een paar dagen komt er in de nacht opeens een soldaat. De soldaat zegt dat ze moeten opschieten en dat dit geen vergissing is. Hij moet zich nu zelf aankleden en moet vlug opschieten, maar het gaat niet want hij is nog erg moe. De soldaat schreeuwt dat hij moet opschieten. Bij hem voor de deur staat een soldaat zenuwachtig met een geweer te tikken. Hij moet sneller, daarom helpt zijn vader hem, maar die is zelf ook nog maar nauwelijks aangekleed.