Formuleren,
Nederlands, formulerenWoordgebruik:
- Gebruik geen lange woorden (max. 3 lettergrepen)
- " " moeilijke woorden
- " " deftige of formele woorden
- Alleen afkortingen als je ze ook zo uitpreekt (KNMI, NAVO)
- Niet te veel persoonlijke voornaamwoorde
hen of hun? ? ze
Zinsbouw
- Max. 3 woorden per zin.
- Gebruik zobeel mogelijk hoofdzinnen
hoofdzinnen: onderwerp naast p.v.
bijzinnen: p.v. achteraan de zin - Lidwoord en zelfst. nmw. dicht naast elkaar
tangconstructie: grote toevoegingen tussen zelfst. nmw. en lidwoord. - Gebruik de bedrijvende vorm (niet lijden