Aantekeningen : Prehistorie, Oudheid, Romeinen, Middeleeuwen, Verlichting,
Herhaling stof V4:Prehistorie (geen geschreven bronnen):
1e steentijd
2e bronstijd
3e ijzertijd
Uitvindingen: wiel, vuur, veeteelt/landbouw (vastere woonplaatsen => steden)
Historie:
Oudheid:
Egypte (mummies, ziel kan alleen voortleven als lichaam goed bleef), sarcofaag, mastaba, piramides => rotsgraven (Toetanchamon), Sfinx, polytheïsme (Ra/Re/Amon, Osiris)
Griekenland, bestond uit stadsstaten (polis/poleis), Athene democratie => basis van indirecte democratie die wij nu hebben, Sparta aristocratie. Godsdienst, Olympus (Zeus = oppergod, Hera = vrouw Zeus, Athena = wijsheid, Afrodite = liefde, Hades = onderwereld, halfgoden zijn sterfelijk.
!!verschil tussen Egypte en Griekenland, Grieken koppelen godsdienst en wetenschap niet meer!!
Alexander de Grote => Helenisme, mix van Griekse en oosterse culturen.
Romeinen:
koning => republiek (senaat)=> keizerrijk
stemmen worden gekocht met “brood en spelen” , proletariërs = armen : kinderbezitters
plebejers = gewone mensen
patriciërs = hoge klasse
uit de laatste twee groepen komen de nobiles voort, rijke politici.
Imperium => imperialisme, Augustus => Pax Romana.
Ongeveer 500 stort wetsromeinse rijk in.
Ongeveer 1500 stort oostromeinse rijk in.
Middeleeuwen: (500-1500)
1e vroege Middeleeuwen (500-1050)
2e hoge “ “ (1051-1300)
3e late “ “ (1301-1500)
Belangen in de Middeleeuwen: eten, veiligheid (na Romeinen verdwenen de steden), geloof (memento mori)
Er ontstaat een zelfverzorgend systeem: Autarkisch = Domaniale stelsel.
Vazaliteit = bescherming zoeken
Koning (leenheer) => leenmannen: feodale stelsel
In de hoge Middeleeuwen groeien de steden, gotische bouwstijl ontstaat (was eerst Romaanse bouwstijl), kruistochten, veiligheid.
Nieuwe tijd (rond 1500):
Nieuwe wereld, 1492 Columbus, wereld is rond => twijfel => dus open voor nieuwe ideeën. Specerijen, metalen, godsdienst (bekering), slaven, avonturiers.
Nieuwe kunst, Renaissance (wedergeboorte klassieke kunst), begint in Italië (1450), mens centraal Carpe Diem Humanisme (mens, wetenschap), Erasmus.
Nieuwe godsdienst, Maarten Luther; in de ban => nieuwe kerk => bijbel vertalen naar het Duits. Calvijn (80-jarige oorlog, godsdienstig, steden-koning)
Nieuw bestuur, macht van de koning werd groter m.b.v. steden (absolutisme), macht adel beperkt.
Verlichting:
18e eeuw, rede, rationalisme, deïsme (god nog wel schepper, maar daarna gelden de natuurwetten)
Franse revolutie, filosofen di