samenvattingen.com

Zoeken

Voortgezet Onderwijs | Middelbaar Beroepsonderwijs | Hoger Beroepsonderwijs | Wetenschappelijk Onderwijs


Criminaliteit, strafrecht en samenleving,

Hfd 2.
Waarden:wat mensen goed vinden, beschouwen ze als doelen in hun leven waarnaar ze altijd zullen blijven streven. Deze doelen zijn waarden.
Waarden kunnen op verschillende manieren worden "vertaald" in concrete gedragsregels. Deze gedragsregels noemen we normen.
*religieuze normen: elke godsdienst stelt eigen normen.
*morele normen: meeste mensen hebben morele principes. Morele principes kunnen voortkomen uit een godsdienstige overtuiging (bijv. respect voor andere mensen),
*fatsoennormen: in elk maatschappelijk milieu geldt een ingewikkeld stelsel van ongeschreven omgangsnormen. Fatsoennormen worden cultureel en milieu bepaald.
Persoonlijke normen ontstaan min of meer vanzelf (ongeschreven regels). Meestal ontstaan persoonlijke normen onder invloed van de mensen in de naaste omgeving. Wie zijn eigen persoonlijke normen niet kan hanteren wordt gefrustreerd of krijgt gewetensconflicten. Bijv. een student die graag een tentamen wilt halen maar niet op tijd uit bed kan komen om te gaan studeren.
Veel normen ontstaan in groepen waarin mensen leven. Ook deze normen worden niet bewust uitgedacht, maar groeien vanzelf. Vaak zijn deze normen trendgevoelig; wie zich niet aan de groepsnormen conformeert, wordt "abnormaal" genoemd, wordt gepest, uit de groep gestoten en gediscrimineerd.
Persoonlijke normen en groepsnormen zijn ongeschreven regels.
Er zijn ook normen die ontstaan doordat de overheid bewust over goed en kwaad gaat nadenken en algemeen geldende regels formuleert. Het vastleggen van deze regels noemen we codificatie.
Wetten: regels die op deze manier door de overheid zijn vastgelegd
Codificatie is belangrijk omdat mensen pas zekerheid over de inhoud van de regels kunnen hebben als die voor iedereen zo duidelijk en eenduidig op papier staan.
Rechtsregels hebben in het algemeen voorrang boven andere regels en normen. Al deze normen, zowel de geboden als de verboden, de dwangmaatregelen en de strafsancties noemen we: rechtsnormen of rechtsregels.
Er zijn ook ongeschreven rechtsregels: regels die ontstaan zijn in praktijk van alledag, maar die nooit zijn opgeschreven.
-op de eerste plaats geven rechtsregels zekerheid. Mensen kunnen zich op wetten beroepen.
-rechtsregels hebben ook de pretentie (bedoeling) de samenleving zo doelmatig te ordenen. Dit soort wetten brengt een ordening aan in de samenleving waardoor zaken soepeler kunnen verlopen.
-rechtsregels maken onafhankelijke rechtspraak mogelijk. Rechters kunnen dankzij de rechtsregels hun werk doen. De rechter hoeft zich alleen aan de regel van de wet te houden en kan zich daardoor onafhankelijk van iedereen (ook van de overheid) opstellen. Alleen de wet zegt wat de rechter moet doen. De rechter kan zelfs de overheid tot de orde roepen wanneer die iets doet wat in strijdt met de wet is.
-rechtsregels kunnen conflicten voorkomen of ze op een vreedzame wijze beslechten (= oplossen, einde aan maken)
-rechtsregels kunnen de rechtvaardighei