Xenotransplantatie,
Van twee kanten bekekenDe Dierenbescherming komt op voor de belangen van dieren. In dat kader houden wij er een uitgesproken mening op na, die volgens ons de toets der kritiek kan doorstaan. In deze rubriek toetsen we onze mening graag aan die van anderen en nodigen daartoe deskundigen uit om hun mening te laten horen. Deze keer twee meningen over... Xenotransplantatie. Het tekort aan menselijke donororganen loopt ieder jaar op. Als mogelijke oplossing van dit probleem denken wetenschap en industrie aan xenotransplantatie, het transplanteren van dierlijke organen en weefsels naar mensen. In deze technologie worden dieren onder andere genetisch gemanipuleerd om het afstotingsprobleem op te lossen. Het transplanteren van een dierlijk orgaan in een mens is tot dusver weinig succesvol. De Dierenbescherming vindt het hoog tijd voor een brede maatschappelijke discussie over xenotransplantatie. Moeten we ermee verder gaan of kunnen we ons beter concentreren op alternatieven? Heiligt het doel de middelen? Twee deskundigen geven hun mening.
Drs. Maaike Raaijmakers, beleidsmedewerker biotechnologie van de Dierenbescherming:
“Xenotransplantatie gaat echt veel te ver. Het gaat totaal voorbij aan de eigen waarde die ieder dier heeft en die ook erkend wordt door de wet. Dieren zijn er niet voor ons, we kunnen er niet zomaar mee doen wat we willen. Wie zijn wij om te zeggen dat dieren genetisch veranderd moeten worden, zodat ze kunnen dienen als orgaanleverancier voor de mens?
“Er gaan ook regelmatig dingen mis bij genetische manipulatie. Dieren worden geboren met vreemde afwijkingen, sterven een mysterieuze dood of ontwikkelen plotseling een hevige maagzweer. Met die genetisch gemanipuleerde dieren doen onderzoekers vervolgens allerlei experimenten. Vooral grote aantallen muizen, ratten, apen en varkens worden daarvoor gebruikt. Organen worden bij het ene dier verwijderd en bij he